DOODGEWOON informeert en amuseert over zaken rond de dood - sinds 1994
Verschenen: 12-07-2002
ALGEMEEN GRAF? NOOIT VAN GEHOORD

Een rustig graf in het groen, een fraaie grafsteen en wat bloemen als laatste groet. Dat is wat de meeste mensen zich voorstellen wanneer een dierbare moet worden begraven. Jaarlijks komen een paar honderd mensen in Nederland erachter dat de realiteit anders is. Zij komen er op pijnlijke wijze achter wat een 'algemeen graf' betekent. Uitvaartondernemers lichten hierover niet altijd goed voor, waardoor jaarlijks een paar honderd mensen vragen of ze nog ‘uit het algemene graf kunnen’. Masha Laghuwitz was één van hen. Zij vertelde afgelopen woensdag haar verhaal in Het Parool. Al eerder vertelde de familie Goergen in het Rotterdams Dagblad over hun pijnlijke ervaringen met algemeen begraven. Lees hier beide verhalen.


Johnny Jordaan rustte niet voordat hij zijn moeder in een eigen graf had herbegraven. Toen ze overleed werd ze in een algemeen graf gelegd, met vijf verschillende mensen. Hij had geen geld voor iets anders. Na een aantal jaren, als hij ontdekt en beroemd is, is het geld er wel. ‘Hij gaat zelf praten met burgemeester d’Ailly om toestemming te vragen om zijn moeder op te laten graven,’ schrijft Bert Hiddema in de biografie Johnny Jordaan. ‘In totaal kost het Johnny zestienduizend gulden, maar dan heeft Mijntje wel een prachtig marmeren graf op Vredenhof met in bloedrode letters de woorden: ‘Het laatste geschenk van uw zoons.’ Ook Mascha Laghuwitz kon niet rusten voordat ze haar moeder uit het graf dat ze met twee vreemden moest delen en waarop ze niet kon plaatsen wat ze wilde, had laten overbrengen naar een eigen graf.

In 1999 overleed de moeder van Mascha Laghuwitz. Heel plotseling, op 53-jarige leeftijd. Anderhalf jaar daarvoor had ze haar dochter bij zich geroepen en gevraagd of zij haar uitvaartwensen op papier wilde zetten. “Ik vond het macaber, maar zij had zoiets van, dan is het geregeld. Ze vond dat heel belangrijk. Misschien had ze een voorgevoel. Ik weet het niet.

”Het waren eenvoudige wensen: begraven worden op begraafplaats De Nieuwe Ooster in Amsterdam, in de witte pyjama die ze speciaal voor deze gelegenheid had gekocht en voor de muziek had ze een Ave Maria en twee nummers van Barbra Streisand uitgezocht. Deze en enkele andere kleine wensen staan handgeschreven - door Mascha: “mijn moeder kon niet goed schrijven” - op een paar velletjes papier. Onderop het laatste velletje staat: ‘Geen grafsteen, vraag of boompje mag.’ “Zij vond een steen zonde van het geld. ‘Ik wil dat je van dat geld lekker op vakantie gaat,’ zei ze. Niet dat het zo veel was, een paar duizend gulden, maar ze zei ‘geniet ervan’.” Het briefje is door Elly Koopmanschap, zoals Mascha’s moeder heette, ondertekend. Op 26 maart 1998.

Meer dan een jaar later overleed Elly Koopmanschap. Mascha: “Totaal onverwacht. Ze had zich die week daarvoor niet goed gevoeld en ze had weliswaar suikerziekte, maar dit verwacht je niet. Ik had nog nooit met de dood te maken gehad. Ik was er panisch voor en dan zie je opeens je moeder dood. Alles was nieuw voor me op dat gebied.”

Mascha’s moeder had de financiële kant van de zaak ook goed geregeld. Ze had een uitvaartverzekering afgesloten bij een verzekeraar die tevens de uitvaartverzorger levert. “Er kwamen twee mensen om de uitvaart te regelen. Die ene was nieuw, bleek. Ze waren aardig, absoluut, maar het ging wel gehaast allemaal. Ik vertel ze het verhaal van het graf en het boompje en ik laat ze het briefje zien. Zegt een van die mannen ‘dan weet ik wel wat u moeder wil, uw moeder wil het simpelste van het simpelste. Dat komt neer op een algemeen graf.’ Best, denk ik. Ik had geen idee wat dat precies inhield, had er nog nooit van gehoord. Eerlijk gezegd weet ik niet meer of ze op dat moment hebben uitgelegd wat dat was. Maar ik weet wel dat het boompje duidelijk ter sprake is geweest.”

“Die hele week trok in een roes aan me voorbij. Ik heb zes dagen, tot aan de uitvaart niet geslapen. Na de uitvaart stortte ik compleet in. Ik zak zo door mijn knieën. Twee dagen ben ik geheel van de wereld geweest.”

De zondag daarop gaat ze naar het graf. Ze spreekt de portier, omdat ze informatie wil over het planten van een boom. “Toen bleek, en dat was een enorme schok, dat ik helemaal geen boom mag planten.”

“Ik werd echt gek. ‘Een klein steentje mag wel,’ werd verteld. ‘Vaste planten mogen niet, want die wortels gaan te diep en omdat er eens in de tien jaar geruimd gaat worden...’ Geruimd? Ook dat wist ik niet.”

“Ik heb de volgende dag meteen gebeld. De verzekering zei onmiddellijk ‘dat is niet onze taak, maar van de begraafplaats.’ Gelukkig luisterde ze op De Nieuwe Ooster wel naar me. Ik heb uitgelegd hoe belangrijk dat boompje voor mij was. Toen zei de opzichter: ‘Het enige wat ik u kan adviseren is een eigen te graf nemen, maar dan moeten we wel een herbegrafenis doen.’”

Spijtoptanten
Veel Nederlanders zullen nog nooit van het fenomeen algemeen graf hebben gehoord. In een algemeen graf worden in korte tijd drie personen begraven (soms ook zes, twee keer drie naast elkaar), mensen die tijdens het leven vreemden waren voor elkaar, maar toevallig kort na elkaar overleden zijn. Dit in tegenstelling tot de zogenaamde ‘eigen graven’ – ook wel familiegraven genoemd, omdat er meestal leden van een zelfde gezin in begraven worden – waarbij de rechthebbende van het graf bepaald wie er in begraven mag worden. Algemeen begraven is de goedkoopste manier van begraven op een begraafplaats.

Algemene graven zijn voor tien jaar, dat is de minimale grafrusttermijn die de Wet op de lijkbezorging voorschrijft. Niet elke begraafplaats ruimt onmiddellijk nadat de tien jaar verstreken zijn – het hangt af van de beschikbare ruimte op de begraafplaats, maar het mag dus wel. Eerder ruimen mag niet. Daarvoor kan alleen de burgemeester van de woonplaats ontheffing geven, maar dat gebeurt niet snel.

Mascha is niet de enige die nog nooit van het fenomeen algemeen graf heeft gehoord én ook nog eens te maken krijgt met een slecht informerende uitvaartondernemer. In Mascha’s geval liet de uitvaartondernemer achterwege te vermelden dat een boom planten op een algemeen graf niet mag. “Voor mij was dat boompje heel belangrijk. Dat het graf na tien jaar geruimd zou worden, of dat er vreemden bij haar lagen, daar ging het mij niet om. Daar was mijn moeder ook nuchter in geweest. Nee, het ging om het boompje, omdat ze dat zo duidelijk had gezegd.”

Meestal gaat het mis bij mensen die een natura-uitvaartverzekering hebben. In dat geval keert de verzekeraar geen geld uit bij overlijden, maar verzorgt de uitvaart. Veel mensen sluiten een dergelijke verzekering af zonder exact te weten wat het pakket inhoudt. Zo heeft elke natura-verzekerde recht op ‘het goedkoopste graf in de eigen woonplaats’. Sluit je zo’n verzekering af terwijl je in een gemeente woont waar uitsluitend eigen graven worden uitgegeven, dan krijg je bij overlijden het goedkoopste eigen graf. Verhuis je vervolgens naar een plaats waar algemene graven gewoon zijn, dan degradeer je na je dood van een eigen graf naar een algemeen graf. Uiteraard kun je zelf tijdens je leven, of kunnen je nabestaanden na je dood alsnog bijbetalen en een eigen graf regelen, maar wat als de uitvaartondernemer hen hierop vergeet te wijzen.

Elke begraafplaats (met algemene graven) kent het verschijnsel van de spijtoptant, de nabestaande die kort of langer na de uitvaart er achter komt dat zijn of haar geliefde dode bij twee vreemden in een graf is komen te liggen, dat ook nog eens na tien jaar geruimd mag worden.

“Niemand houdt hier statistieken van bij, zeker niet landelijk,” zegt Willem van der Putten, voorzitter van de Landelijke Organisatie van Begraafplaatsen (LOB), “dus we kunnen alleen een schatting doen. Maar ik krijg de nodige vragen van gemeenten en kerkelijke begraafplaatsen en dat geeft een bepaalde indruk.” Hij schat dat het om een paar honderd herbegravenden per jaar gaat van ‘spijtoptanten van een algemeen graf’. “Er zijn zo’n 1500 actieve begraafplaatsen in Nederland. Als die allemaal eens in de vijf jaar één geval hebben, zijn dat er op jaarbasis al driehonderd. Ik weet overigens dat veel mensen er ongelukkig mee zijn, maar niet tot actie overgaan. Vanwege verdeeldheid binnen de familie of omdat ze opzien tegen procedures en de kosten.”

“Bij ons komt herbegraven zo’n twee keer per jaar voor,” zegt Marie-Louise Meuris, directeur van De Nieuwe Ooster. “Naar schatting vragen jaarlijks zo’n 20 tot 25 mensen of ze nog ‘uit het algemene graf kunnen’. Na uitleg wat de problemen daarbij zijn, dienen uiteindelijk zo’n vier ŕ vijf mensen een verzoek in. Zo’n één ŕ twee keer per jaar wordt dit verzoek ook gehonoreerd. Het is dus zeker iets dat speelt. Misschien niet in zo’n hoge frequentie, maar dat neemt niet weg dat het natuurlijk wel een gevoelig probleem is, omdat hevige emoties een rol spelen. Als het even kan proberen wij de wens van herbegraven ook in te willigen.”

Ook op begraafplaats en crematorium de Essenhof in Dordrecht hebben ze één of twee keer per jaar te maken met een zogenaamde verkeerde keuze. “Wij voeren meer dan vijfhonderd begravingen per jaar uit waarvan zeventig procent bestaat uit begravingen in algemene graven,” vertelt Arie van Kooten, manager van de Essenhof. “Als het om een verkeerde keuze gaat wordt dit meestal op de begraafplaats ontdekt en geuit. En dan moeten de begraafplaatsmedewerkers puin ruimen. Die krijgen dan ook te maken met de emoties van de mensen. Dat iemand opeens begint te schreeuwen of te huilen, omdat ie er achter komt dat zijn vrouw in een algemeen graf ligt. Als het vlak na de begrafenis is, kan er eventueel nog iets gebeuren. Het wordt al lastiger als nabestaanden na langere tijd komen. Ik vind dat het dan alleen bij hoge uitzondering zou mogen gebeuren.”

Ze ligt bovenop
Maar als het even kan verleent Van Kooten alle medewerking, zoals begin dit jaar bij de familie Goergen uit Dordrecht. De vrouw van Henk Goergen, Mary Ann Dahle, overleed op 15 januari van dit jaar. Ook heel plotseling, na een hartstilstand. Ze was 39 jaar.

Op het moment dat de uitvaartverzorger zijn opwachting maakte, ’s ochtends rond elf uur, trof hij Goergen geheel ontredderd aan. Dat zal een ervaren uitvaartondernemer gewend zijn. In dit geval echter had Goergen net de politie uitgelaten die enkele uren op bezoek was geweest om uit te sluiten dat de doodsoorzaak een onnatuurlijke was. Daar hield de uitvaartverzorger geheel geen rekening mee, menen Goergen, dochter Belinda en schoonzoon Leonard, die die ochtend ook aanwezig waren. En ook niet met het feit dat het overlijden zo onverwacht was en de overledene nog zo jong.

“We moesten in heel korte tijd alle beslissingen nemen,” zegt Goergen. Ook Belinda en Leonard hadden het gevoel dat de uitvaartverzorger het liefst zo snel mogelijk weer weg wilde. Belinda: “Hij pakte het boek erbij, liet wat foto’s zien. Wat voor kist wilt u? Welk kaartje? Welke tekst? Alles bij elkaar was hij hooguit drie kwartier binnen. Hij kwam die zelfde middag nog de kaartje brengen, maar is later die week niet meer terug geweest.”

Goergen was voor de uitvaart van zijn vrouw verzekerd met een kapitaalverzekering. Het uitgekeerde bedrag, vijfduizend gulden, bleek echter te laag voor een uitgebreide uitvaart. Belinda: “Hij zei ‘dit bedrag is niet toereikend’, maar hij vroeg niet of er eventueel extra geld was. Hij ging er blijkbaar vanuit dat we dat niet hadden, of niet wilden betalen. We zijn ook niet ingelicht dat dit zou betekenen dat ze in een algemeen graf terecht zou komen. Laat staan dat is uitgelegd wat dat is. Die keuze is helemaal niet gesteld. Wij wisten van niets.”

Haar vader: “Dat is het kardinale punt. Die man heeft ons daarover niet ingelicht. Als hij had gezegd, ze komt in een graf met zoveel personen, dan had ik dat absoluut niet gewild. Eerlijk is eerlijk, de verzekering was niet toereikend, maar een kist is voor mij niet belangrijk, dat had heel eenvoudig gemogen. En doe dan een volgauto minder. Maar die keuze kregen we niet.”

Belinda: “Tijdens het koffie drinken in de aula, ben ik teruggegaan naar het graf omdat de familie uit Noorwegen (de overledene was Noorse) wat grond van het graf wilde. Ik zie daar twee mannen met een graafmachine en we raken wat aan de praat. Zegt een van die mannen ‘ze ligt bovenop’. Ik vraag ‘wat bedoelt u precies?’ ‘Nou, er liggen nog twee mensen in dat graf en zij ligt bovenop.’ Ik liep weg, begreep het niet helemaal. Het is ook zo’n emotionele dag, heel veel ontgaat je.” Haar vader: “Een paar dagen later zit ik bij een buurvrouw en die zegt: ‘Ik ben naar het graf geweest. Het is een graf voor zes personen.’ Toen ik dat hoorde, dat vond ik verschrikkelijk, echt verschrikkelijk.”

Voorlichting
“Omdat de termijn van twee maanden nog niet verstreken was en omdat de overledene bovenop lag, kon ik ze het aanbod van herbegraven doen,” zegt Van Kooten. “Voor een herbegraving is toestemming nodig van de burgemeester. Daarbij wordt ook de Inspectie Milieuhygiëne gehoord. Het komt eigenlijk nooit voor dat de inspectie bezwaar maakt als de eerste twee maanden nog niet verstreken zijn.”

De meeste begraafplaatsen beginnen er echter sowieso niet aan als de overledene in het midden of onderop ligt. Meuris: “De hoogste kist kun je met gemak weghalen, maar als het de middelste is of als de kist onderop ligt, dan moet je de overige families ook om toestemming vragen. We hebben meegemaakt dat die andere families daar zo overstuur van raakten, dat we hebben afgesproken dat niet meer te doen. In zulke gevallen zeggen we voortaan nee.” Ook Van Kooten heeft geleerd van eerdere ervaringen en begint er niet meer aan. “Dan moeten mensen tien jaar wachten, tot de officiële termijn van grafrust verlopen is.”

Zowel bij Masha Laghuwitz als bij de familie Goergen gaat het om slechte voorlichting door de uitvaartondernemer. In Dordrecht geeft de betreffende onderneming het toe. De directeur: “Het is door onze medewerker op dat moment geheel verkeerd ingeschat.” Leonard heeft de uitvaartonderneming namens zijn schoonvader dan ook aansprakelijk gesteld voor de extra gemaakte kosten. (Achtduizend gulden.) De uitvaartonderneming laat weten daar een aansprakelijkheidsverzekering voor te hebben.

Mascha kreeg kort na de dood van haar moeder een vrij ernstig auto-ongeluk. Nu de hevigste emoties ook achter de rug zijn, denkt ze erover de verzekerings- en uitvaartverzorgingsmaatschappij alsnog aansprakelijk te stellen. Het heeft haar tienduizend gulden gekost, de kosten van de opgraving en van het nieuwe graf. “En dan heb ik het nog niet over de steen. Ze hebben toen nooit toegegeven dat ze een fout hebben gemaakt. Het was mijn woord tegen dat van die twee uitvaartverzorgers.”

“Het is ongetwijfeld zo dat de voorlichting hierover in eerste instantie bij de uitvaartondernemer ligt,” zegt Meuris. “Toch is het niet altijd alleen uitvaartondernemers te verwijten. Mensen luisteren zelf ook niet altijd goed, natuurlijk door verdriet, maar dat veroorzaakt dit probleem wel. Het kan best zijn dat een uitvaartondernemer het duidelijk heeft gezegd, maar dat de nabestaanden het niet tot zich hebben laten doordringen.”

Ze meent dat ook begraafplaatsen mee kunnen helpen aan een goede voorlichting. “We hebben bijvoorbeeld seizoenswandelingen voor publiek. Tijdens die wandelingen vertellen we de mensen altijd het verschil tussen de diverse graven. We zouden er nog meer mee naar buiten moeten treden en er alles aan moeten doen om de mensen duidelijk te maken wat de verschillen in begraven zijn.”

Bert Noordzij, bestuurslid van de Nederlandse Unie van Erkende Uitvaartondernemingen, de NUVU en uitvaartondernemer in Hoogeveen, denkt dat dergelijke acties kunnen helpen, maar niet de oplossing zijn. “Door onze gemeente wordt ook een boekje uitgegeven over begraven waar precies in staat wat het verschil is tussen de diverse graven, maar er staat nog veel meer in het boekje. Wie leest dat en wanneer? Ook hier in het noorden, is mijn ervaring, weten mensen meestal wel van de term algemeen graf, maar ze weten niet wat het precies inhoudt.” Daarom blijft het de verantwoordelijkheid van de uitvaartondernemer. “Het gaat om het moment waarop er beslist moet worden en dat is vlak na het overlijden van iemand. Als professioneel uitvaartondernemer moet je je klanten goed voorlichten. Ook al zijn ze nog zo afwezig, je moet mensen strak bij de keuzebepaling betrekken. Niet alleen bij de keuze tussen begraven en cremeren, maar ook, als ze voor begraven kiezen, welk graf nemen ze? Als dat op dat moment niet lukt - en een professionele uitvaartondernemer voelt dat aan - dan kom je er later op terug, die middag of de volgende ochtend.”

Twee bomen
De herbegrafenis van Mary Ann Dahle vond half maart plaats. Schoonzoon Leonard was op de begraafplaats en heeft van enige afstand de opgraving kunnen volgen. In het nieuwe eigen graf heeft hij ter controle de kist gezien. “Ik wilde per se zien dat ze van A naar B is gegaan. Dat ze echt in het nieuwe graf zou liggen.” Goergen: “Ik heb het ook gezien hoor. Ik ben buiten het hek gebleven, maar ik kon precies tussen de hagen doorkijken.”

Mascha Laghuwitz: “De opzichter had mij nadrukkelijk gewaarschuwd: ‘als ik je zie op het terrein terwijl we bezig zijn met de opgraving, houd ik er onmiddellijk mee op.’ Ik heb buiten in een café gewacht. Dan ga je toch allerlei dingen in je hoofd halen. Dan zie je zo’n grijper door de kist en door het lichaam gaan.” Dat de werkelijkheid anders was, kon ze later zelf waarnemen. Ze werd geroepen toen de kist op de bodem van het nieuwe graf stond. “Ze hadden gezegd, als de kist niet toonbaar is, gooien we het graf dicht. Dat was dus niet zo. Het was bloedheet, al die hele maand. Wat ik vooral nog weet is die lucht. Ik geneerde me voor de begraafplaatsmensen. Dat moet voor hen ook afgrijselijk zijn geweest. Dat is me maanden bijgebleven, die penetrante geur. Toen het graf dicht was rook je het nog.”

Inmiddels staan op het nieuwe graf van haar moeder twee bomen. Een echt boompje en een boom van brons. “Het is een eigen graf voor drie personen, dus het wordt ook mijn graf. Als mijn moeder dit allemaal had geweten, had ze vast gezegd ‘Mascha, waar maak je je toch druk om’, maar voor mij is het belangrijk.”
(Anja Krabben)

Terug naar archief...